‘Knippen en scheren’


De zaak die onlangs bij de meervoudige strafkamer te Maastricht diende begint met het knippen van een heg ergens in de buurt van Maastricht. De twee buren, ik zal ze benoemen als ‘A’ en ‘B’ zijn tevens broers en zij bewonen een (eertijds) tussen hen verdeelde woonboerderij. De moeder van de beide broers (buren) is overleden en de broers verschillen van mening over de eigendom van een strook grond die de beide erven verdeelt. En zoals gebruikelijk bij sommige erfenissen komen ze er niet uit. Dat leidt tot civiele procedures met alle gevolgen van dien.


Gevolg van dit alles is dat de gezinnen (gezin van broer ‘A’ en gezin van broer ‘B’) in onmin leven terwijl ze wél gedwongen zijn om met elkaar om te gaan want ze wonen naast elkaar.


Op enig moment gaat broer ‘A’ op de betwiste strook grond een deel van de heg knippen en broer ‘B’ laat dan enkele van zijn honden uit. Die stellen zich dreigend en met ontblote tanden vóór broer ‘A’ (dat die hond zijn tanden laat zien wordt later bevestigd door broer ‘B’) die daarop probeert zich de honden van het lijf te houden door met de knipschaar te zwaaien. Voor broer ‘B’ het sein om in actie te komen want, dat wekt geenverbazing, de emoties zijn intussen hoog opgelopen. Broer ‘B’ rent erop af, geeft ‘A’ een slag in het gezicht (hij houdt er een bebloede lip aan over) om hem dan vervolgens met zijn schouder in één zwiep omver te duwen. Omdat ‘A’ achterover valt maakt zijn arm en hand (mét de knipschaar) een zwaaiende beweging en hij raakt de hals van ‘B’ waar een snede wordt aangetroffen. Broer ‘B’ ziet dat anders en stelt dat ‘A’ hem in de hals stak zonder dat ‘A’ achterover is geduwd. Laatstgenoemde loopt met bloedende hals weg en zakt in elkaar. Iedereen is in paniek (ook de beide echtgenotes horen dat er iets aan de hand is en komen aangelopen). Overigens roept ‘A’ ook nog tegen de echtgenote van ‘B’ dat hij ‘B’ nooit wilde raken maar dat het door de zwiep is gekomen.


De politie komt erbij een ‘A’ wordt aangehouden op verdenking van ‘poging doodslag’, een verwonding in de hals kan immers levensbedreigend zijn). Hij legt vervolgens bij de politie uitgebreid uit hoe het een en ander in zijn werk is gegaan. Hij wordt voorgeleid bij de rechter commissaris en die stelt hem in vrijheid, in afwachting van het proces. Dat volgt enkele jaren (!) later en de advocaat vraagt om een filmopname zodat de bewegingen van ‘A’ en ‘B’ nagespeeld worden. De rechtbank wijst dat toe en uit de beelden blijkt dat de stelling van ‘A’ (op zich zelf genomen) zouden kunnen kloppen.


Dan volgt een nieuwe behandeling van de zaak waarbij de advocaat betoogt dat van ‘opzet’ (en dat is een hard vereiste) aan de zijde van ‘A’ nooit sprake was. Hij was niet meer of minder dan een ‘willoos werktuig’ in de handen van ‘B’. Wat aanvankelijk een moeilijke zaak leek (hoe waarschijnlijk is het verhaal van ‘A’) eindigt met een vrijspraak.


De rechtbank acht (met de raadsman) ‘opzet’ niet bewezen. Al met al een mooi resultaat.



Uitgelichte berichten
Recente berichten
Archief
Zoeken op tags
Volg ons
  • Facebook Basic Square
  • Twitter Basic Square
  • Google+ Basic Square

Telefoon 045-571 4576

Fax 045-5713026

 

info@boumans-adv.nl

Openingstijden:

Ma-vr 8:30 tot 17:00 uur

Samenwerking

Algemene voorwaarden

Privacy statement

Klachten

  • Wix Facebook page
  • LinkedIn Social Icon