Doorbreking van het causaal verband


Hoe zit het met het verband tussen de schadeveroorzakende gebeurtenis en de schade als er meer dan één gebeurtenis is?


Causaliteit is een kernbegrip in het aansprakelijkheids­recht: zonder schadeveroo­zakende gebeurtenis geen schade, is de vrije vertaling van het conditio sine qua non-verband. Maar in sommige gevallen kan het causaal verband tussen een gebeurtenis en een scha­de doorbroken zijn. Dit kan spelen als er verschillende oorzaken of ach­tereenvolgende gebeurtenissen zijn die dezelfde schade teweegbrengen. Nog voordat de schade die het te verwachten gevolg is van de eerste gebeurtenis zich (volledig) heeft verwezenlijkt, vindt een tweede gebeur­tenis plaats en treedt de schade op die te verwachten was na gebeurtenis één. Het causaal verband, dat een rol speelt in zowel de vestigingsfase van de aansprakelijkheid als bij de omvang van de schade, kan in die gevallen in stand blijven of juist doorbroken worden.


Zo kan een gebeurtenis bijvoorbeeld in de risicosfeer van de benadeelde liggen. Deze omstandigheid deed zich voor in het arrest-Staat/Vermaat, NJ 1991/292. In die zaak raakte een benadeelde eerst volledig arbeidson­geschikt na een verkeersongeval en werd enige jaren later getroffen door een hartinfarct. Zo’n tweede schade­oorzaak valt in de risicosfeer van de benadeelde, waardoor de schade – die hij zelfstandig zou kunnen hebben veroorzaakt – volgens de heersende leer voor risico van de benadeelde zelf komt. Dit leidt tot opheffing van de aansprakelijkheid uit hoofde van de eerste schadeoorzaak. De gedachte daarbij is dat de schade vanaf het moment van het infarct – de eerdere gebeurtenis weggedacht – ook geleden zou zijn. Daarbij zocht de Hoge Raad aansluiting bij het uit­gangspunt dat ieder in beginsel zijn eigen schade draagt (tenzij een ander die heeft veroorzaakt). Soms is de oorzaak van de schade onduidelijk. Als het causaal verband onzeker is, wordt in de doctrine, in afwijking van de gedachte dat iedereen zijn eigen schade draagt, ook wel betoogd dat de weg van de proportionele aan­sprakelijkheid geëigend is. In die leer vergoeden de partijen naar rato van ieders causale bijdrage de schade in plaats van dat de schade geheel voor risico van één partij komt. De Hoge Raad erkende deze mogelijkheid voor het eerst in het arrest-Nefalit/Kara­mus (ECLI:NL:HR:2006:AU6092). Bij de proportionele benadering wordt het vereiste van conditio sine qua non dus losgelaten of gerelativeerd.


Ook over de situatie dat een gebeurte­nis niet in de risicosfeer van de bena­deelde ligt, heeft de Hoge Raad zich uitgelaten (Gemeente Leeuwarden/ Los, ECLI:NL:HR:2001:AB2795). Als in dat geval een verplichting tot scha­devergoeding vanwege een eerdere gebeurtenis al is gevestigd, blijft die verplichting bestaan. Dit geldt ook als een latere gebeurtenis dezelfde schade zou hebben veroorzaakt: te denken valt aan een medische fout na een verkeerongeval. Wel kunnen aan­sprakelijke partijen onderling regres halen in evenredigheid met de mate waarin de aan hen toe te rekenen om­standigheden tot de schade hebben bijgedragen.


Volgens vaste rechtspraak doorbreekt ook een persoonlijke predispositie – latente fysieke of psychische kwets­baarheid van de benadeelde – het causaal verband in beginsel niet, ook al zijn de gevolgen daardoor ernstiger en langer van duur dan in de normale lijn der verwachtingen. Een uitzon­dering hierop is het geval dat een benadeelde handelt in strijd met zijn schadebeperkingsplicht en derhalve zou hebben nagelaten alles in het werk te stellen wat redelijkerwijs kan worden verlangd om tot het herstel­proces bij te dragen.


Bij pre-existente klachten – die zich ook zonder de schadeveroorzakende gebeurtenis op enig moment zouden hebben geopenbaard – ligt de beoor­deling van doorbreking van het cau­saal verband anders. Deze klachten zijn namelijk als zelfstandige oorzaak aan te merken voor de schade waar­voor vergoeding wordt gevorderd en liggen daarmee in de risicosfeer van de benadeelde. Het causaal verband tussen het ongeval en de omvang van de schade kan dan wel worden doorbroken. Volgens Akkermans en Hartlief (zie de conclusie van AG Spier bij ECLI:NL:PHR:2008:BB5626) is voor discontering dan wel vereist dat werkelijk aannemelijk is dat de pre-existente klachten, het ongeval weggedacht, tóch ‘schade’ zouden hebben veroorzaakt.


Uitgelichte berichten
Recente berichten
Archief
Zoeken op tags
Volg ons
  • Facebook Basic Square
  • Twitter Basic Square
  • Google+ Basic Square

Telefoon 045-571 4576

Fax 045-5713026

 

info@boumans-adv.nl

Openingstijden:

Ma-vr 8:30 tot 17:00 uur

Samenwerking

Algemene voorwaarden

Privacy statement

Klachten

  • Wix Facebook page
  • LinkedIn Social Icon