Boter bij de vis


Als advocatenkantoor hebben wij de laatste jaren veel te maken gehad met bezuinigingen op de rechtsbijstand. Binnen ons kantoor procederen veel mensen op basis van een zogeheten toevoeging: dat betekent dat de Raad voor Rechtsbijstand een gedeelte van de kosten van onze cliënten vergoedt. De cliënt betaalt nog een eigen bijdrage.

Wij hebben de laatste jaren gezien dat in steeds minder zaken een vergoeding wordt verleend. Ook in zaken waar het gaat om kleinere rechtsbelangen, beneden de € 500,--, vergoedt de overheid geen kosten van rechtsbijstand meer.

Eigenlijk zijn er wat dat betreft op alle rechtsgebieden wel bezuinigingen doorgevoerd. Dat betekent dat in steeds meer gevallen onze cliënten de kosten van hun eigen rechtsbijstand moeten betalen. En voor veel van deze cliënten is dat welhaast onmogelijk.

Op zich heb ik alle begrip voor de redenering, dat het ook niet de bedoeling kan zijn dat de staat al die kosten maar draagt. Maar aan de andere kant, sommige mensen zitten nu eenmaal in de hoek waar de financiële klappen vallen. Zij zijn juist degenen die vaak afhankelijk zijn van andere instanties en hen wordt het nu juist onmogelijk gemaakt tegen die instanties op te komen.

Kortom, wat er gebeurt is dat er een steeds hogere drempel wordt opgeworpen om het recht te halen. Dat geldt dan voor laten we zeggen de financieel minder bedeelden in onze samenleving.

Wat ik de laatste tijd constateer is dat er een tweede hoge drempel is: de griffierechten bij rechtbanken zijn de laatste tijd jaren enorm gestegen. Anders gezegd, als u geld tegoed meent te hebben van iemand, dan is het entreekaartje voor de rechtbank schrikbarend duur. Om een voorbeeld te geven, als een besloten vennootschap een rekening niet betaald krijgt van € 30.000,--, moet hij een griffierecht aan de rechtbank betalen op dit moment van € 1.924,--.

Vaak is nu juist het probleem dat er financiële problemen zijn bij degene die moet betalen. Dat betekent dus dat men een heel hoog griffierecht moet investeren in een procedure, terwijl men eigenlijk al van te voren weet dat de kans groot is dat men die kosten niet zal terugkrijgen. Maar ook bij kleinere vorderingen is er een vergelijkbaar probleem. Stel, je handelt via internet en verkoopt voornamelijk producten met een waarde van rond de € 700,--/€ 800,--. Als voorbeeld, laten we zeggen dat er cosmeticaproducten niet betaald zijn voor een bedrag van € 530,--. Een besloten vennootschap moet dan aan de rechtbank een griffierecht van € 470,-- betalen, om € 530,-- te incasseren. Heel veel bedrijven zeggen op dat moment: “Laat maar zitten, dat is me te duur.”

Kortom, uit de bovenstaande constateringen is één conclusie heel duidelijk: de laatste jaren is de toegang tot de rechter heel veel moeilijker geworden. De kosten van procederen zijn voor iedereen enorm gestegen.

Waarom kom ik nu tot het schrijven van deze column? Ik procedeer als advocaat erg veel in civiele zaken. Dan gaat het bijvoorbeeld over de verdeling van een woning, de vraag of een aannemer bij het opleveren van een woning tekort is geschoten in zijn verplichtingen, de vraag of een accountant goed werk heeft verricht, allerlei soorten procedures op het gebied van het civiele recht. Op dit moment ontvang ik in al die procedures van gerechtshoven en rechtbanken telkens brieven, dat het niet lukt de uitspraak te doen, en iedere keer weer wordt die uitspraak met vier of zes weken uitgesteld. Als advocaat zet ik daar mijn vraagtekens bij: mijn cliënten verwachten van mij, omdat procederen duur is, zoveel mogelijk snelheid en kwaliteit. Nu het entreekaartje voor de rechtbank zoveel duurder is geworden, is het dan teveel gevraagd om een uitspraak op een kortere termijn?

Voor onze beroepsgroep is dat lange wachten op een vonnis best frustrerend: de laatste jaren is er namelijk zeer veel geïnvesteerd in Nederland om het procesrecht sneller te maken. Dat betekent dus dat wij als advocaten gebonden zijn aan strikte termijnen, en onze processtukken binnen die strikte termijn dienen in te dienen. En als wij een dag te laat zijn, worden we afgerekend, want het komt er meestal op neer dat men het recht om een processtuk in te dienen heeft verspeeld en dat men daarmede de zaak verliest.

Uitgelichte berichten
Recente berichten
Archief
Zoeken op tags
Volg ons
  • Facebook Basic Square
  • Twitter Basic Square
  • Google+ Basic Square

Telefoon 045-571 4576

Fax 045-5713026

 

info@boumans-adv.nl

Openingstijden:

Ma-vr 8:30 tot 17:00 uur

Samenwerking

Algemene voorwaarden

Privacy statement

Klachten

  • Wix Facebook page
  • LinkedIn Social Icon