Inzet videocamera door gemeente


In het strafrecht is de inzet van een technisch hulpmiddel, bijvoorbeeld de inzet van een peilbaken of camera, algemeen bekend. Relatief nieuw is dat ook bestuursorganen zoals de gemeente daarvan meer en meer gebruik maken. Een terechte vraag is dan of inzet van technische hulpmiddelen door een gemeente rechtmatig is. De Centrale Raad van Beroep boog zich de afgelopen jaren voor wat betreft deze materie over diverse zaken. Interessant is de uitspraak van 13 september van dit jaar[1].


Vooraf moet u weten dat indien u bijvoorbeeld een uitkering ingevolge de Participatiewet geniet, u een inlichtingverplichting heeft. In de wet staat dat op verzoek of onverwijld uit eigen beweging alle gegevens dienen te worden verstrekt die van belang kunnen zijn voor het recht op bijstand. In de voorliggende casus - overigens geen zaak van mijn kantoor en ook geen Limburgse gemeente – deed een gemeente onderzoek naar de rechtmatigheid van een uitkering. Startpunt was een melding over zwart werk. De gemeente begon een onderzoek.


De uitkeringsgerechtigde had in het kort gezegd de ambtenaar van de gemeente medegedeeld dat hij in loondienst werkte en had desgevraagd salarisspecificaties ingeleverd. Er werd in aanvulling daarop nog bijstand verleend. De ambtenaar had voorts de opdracht gegeven om de werktijden per dag bij te houden en de urenstaten wekelijks in te leveren.


Na onderzoek besloot de gemeente echter om de bijstand in te trekken. Aan deze beslissing lag ten grondslag dat de gemeente van oordeel was dat de uitkeringsgerechtigde meer uren had gewerkt, dan hij had opgegeven.


Het onderzoek bestond onder meer uit een aantal waarnemingen verricht bij het woonadres en bij het werkadres (een stomerij) van de uitkeringsgerechtigde. Vervolgens werden bij de stomerij over een periode van zes dagen heimelijk waarnemingen gedaan met gebruikmaking van een technisch hulpmiddel, namelijk een videocamera, gericht op de toegang tot de stomerij.


Deze beelden werden opgeslagen en nadien geanalyseerd. De Centrale Raad stelt vast dat door gebruik te maken van dit laatstgenoemde hulpmiddel, de videocamera, er door de gemeente een inbreuk is gemaakt op het recht voor het privéleven zoals is vastgelegd in artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). De Centrale Raad overwoog eerder volgens vaste rechtspraak van het Europees Hof voor de rechten van de Mens dat in het kader van het heimelijk inzetten van opsporingsmethodes in een wettelijke regeling dient te worden opgenomen onder welke omstandigheden de autoriteiten bevoegd zijn om een dergelijk opsporingsmiddel in te zetten. Het risico van misbruik van bevoegdheden maakt dat de wettelijke regeling voldoende adequate en effectieve waarborgen dient te bevatten ter bescherming tegen willekeurige inmenging in het privéleven. In het strafrecht is daarom, bijvoorbeeld voor stelselmatige observatie, geregeld dat dit alleen met voorafgaande toestemming van de officier van justitie mag.


Voor het heimelijk gebruik maken van de camera was echter geen nauwkeurige wettelijke basis, die voldoet aan de eisen die het EHRM stelt. Er ontbreekt nu eenmaal een wettelijke bepaling onder welke voorwaarden een technisch hulpmiddel mag worden gebruikt bij een onderzoek in het kader van de bijstand.. De mogelijke inzet van zo een middel is bovendien voor een burger niet voorzienbaar.


De Centrale Raad oordeelde deze inbreuk het recht op respect voor het privéleven, de cameraopnames niet berust op een voldoende duidelijke en voorzienbare en met waarborgen omklede wettelijke grondslag. Het mag niet zonder dat het goed in de wet is geregeld. De camerabeelden werd daarom als onrechtmatig verkregen bewijs aangemerkt. Het besluit van de gemeente kon dan ook niet worden gebaseerd op die beelden.


Daarmee lijkt het erop alsof de Centrale Raad een andere weg is ingeslagen. Immers voornoemde uitspraak staat haaks op een gewezen uitspraak van 22 december 2015.[2] De tijd zal het leren of de huidig ingezette lijn wordt doorgezet.




[1] ECLI:NL:CRVB:2016:3479.


[2] ECLI:NL:CRVB:2015:4881.

Uitgelichte berichten
Recente berichten
Archief
Zoeken op tags
Volg ons
  • Facebook Basic Square
  • Twitter Basic Square
  • Google+ Basic Square

Telefoon 045-571 4576

Fax 045-5713026

 

info@boumans-adv.nl

Openingstijden:

Ma-vr 8:30 tot 17:00 uur

Samenwerking

Algemene voorwaarden

Privacy statement

Klachten

  • Wix Facebook page
  • LinkedIn Social Icon