"Het gevaar dat strafbeschikking heet"


Bewakingscamera’s die laten zien hoe een vrouw een boek in haar tas stopt zonder dit te betalen, een pintransactie van diezelfde vrouw in dezelfde winkel op dezelfde dag alsmede een uitgebreide aangifte/verklaring van de winkeleigenaar vormen tezamen toch zeker voldoende bewijs om aan te nemen dat iemand zich schuldig heeft gemaakt aan een winkeldiefstal?

Waarom zouden een andere weergave van feiten van de verdachte, een getuige alsmede een blanco strafblad een rol spelen? Waarom moeten we überhaupt zorgvuldig luisteren naar iemand die het toch gedaan heeft? Een geschikte zaak voor een strafbeschikking toch, klaar is kees?! Dat leken de gedachtes van de Officier van Justitie en van de verbalisanten toen ze een tijd geleden een strafbeschikking aan mijn cliënte uitreikten.

Mijn cliënte werd uitgenodigd voor verhoor en deelde meteen mede dat zij nergens vanaf wist, de bewuste dag wel met haar partner was gaan winkelen, de pingegevens die getoond waren inderdaad van haar partner waren doch dat die zelf had afgerekend en iets anders had gekocht dan men beweerde en zij bovendien never nooit een diefstal zou plegen noch had gepleegd... waar was zij in hemelsnaam in beland?

Ze kreeg slechts een geldboete opgelegd van € 200,-- en diende een schadevergoeding te betalen van € 29,95 voor het gestolen goed. Omdat het de eerste keer was koos het Openbaar Ministerie ervoor om een strafbeschikking uit te vaardigen, dus ze kon gerust ademen want ze hoefde niet eens voor de rechter te verschijnen….?

De in 2008 in werking getreden ‘Wet OM-afdoening’ maakt het voor het Openbaar Ministerie mogelijk om voor een aantal strafbare feiten zelf een straf opleggen, aldus zonder de tussenkomst van een rechter. De straf die het Openbaar Ministerie dan oplegt, heet een “strafbeschikking”.

De strafbeschikking kan worden uitgevaardigd indien iemand verdachte is van een strafbaar feit waarop volgens de wet maximaal zes jaren gevangenisstraf staat, bijvoorbeeld voor een winkeldiefstal of een eenvoudige mishandeling. De wet behelst echter geen bewijsregeling als het om een strafbeschikking gaat. Het bewijs op grond waarvan vast zou zijn komen te staan dat iemand zich schuldig heeft gemaakt aan een strafbaar feit, hoeft zelfs niet in de strafbeschikking te worden vermeld. Voldoende is dat de Officier van Justitie vaststelt dat de verdachte het strafbare feit heeft gepleegd. Waar is dan die onpartijdige en deskundige rechter, blijkt die dan echt overbodig?

Nee, helaas blijkt het in de praktijk regelmatig flink mis te gaan. In de hierboven omschreven zaak stelde ik uiteraard binnen de termijn verzet in namens cliënte. Ik verzocht om de dossierstukken en de bewakingsbeelden. In het dossier zat onder andere een uitgebreid proces-verbaal van een verbalisant die onder ambtseed verklaarde dat hij op de beelden de verdachte, te weten mijn cliënte, de diefstal zag plegen. Hij verklaarde mijn cliënte te herkennen als zijnde de winkeldievegge.

En toch geloofde ik er niet in... Na tientallen brieven kreeg ik eindelijk de camerabeelden ter beschikking. Op de camerabeelden was overduidelijk te zien dat een vrouw een boek in haar tas duwde zonder te betalen, doch dat dit een geheel andere persoon dan mijn cliënte betrof. Sterker nog, het betrof een vrouw met een blanke huidskleur met blonde haren, terwijl mijn cliënte een getinte huidskleur heeft en kort zwart haar. Een verschil in uiterlijk dat niet kon missen! Tijdens de rechtszitting werden de beelden getoond en concludeerde de rechter uiteraard tot een vrijspraak. De Officier van Justitie die werkzaam is bij hetzelfde Openbaar Ministerie dat mijn cliënte eerst nog schuldig bevond, verzocht nu ook om een vrijspraak. De tijden van de camerabeelden waren foutief en de verbalisant had weliswaar de camerabeelden bekeken, maar mijn cliënte nooit ontmoet.

Excuses voor de onterechte beschuldiging en onzorgvuldige handelwijze, bleven tot grote teleurstelling van cliënte en haar partner uit.

In onderhavige kwestie is tijdig verzet ingediend (binnen veertien dagen) en is de strafbeschikking alsnog vernietigd. Ondanks de relatief lage geldbedragen of het geringe aantal uren werkstraf die met een strafbeschikking gemoeid zijn, kunnen de gevolgen van een strafbeschikking groot zijn. Met name indien men in het kader van een sollicitatieprocedure een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) nodig heeft. Een geaccepteerde strafbeschikking zorgt immers voor een aantekening op de justitiële documentatie, het strafblad is hiermee een feit.

Los van het vorenstaande is het uiteraard geheel onwenselijk en onaanvaardbaar dat onschuldige mensen worden bestraft voor feiten die zij nooit hebben gepleegd. Een soortgelijke casus heeft zich reeds aangediend… Een meneer op leeftijd die in een verwarde toestand (onder andere vanwege een sterfgeval in de familie en gezondheidsproblemen) per ongeluk een goed op zijn scootmobiel laat liggen, terwijl hij alle andere goederen keurig afrekent aan de kassa. Hij wordt aangehouden en beschuldigd van het opzettelijk wegnemen van een goed zonder te betalen. Een strafbeschikking volgt en het verzet is reeds aangetekend. Het kan toch zeker niet zo zijn dat je na 44 trouwe dienstjaren en een blanco strafblad zonder pardon als crimineel wordt neergezet?

Uitgelichte berichten
Recente berichten
Archief
Zoeken op tags
Volg ons
  • Facebook Basic Square
  • Twitter Basic Square
  • Google+ Basic Square

Telefoon 045-571 4576

Fax 045-5713026

 

info@boumans-adv.nl

Openingstijden:

Ma-vr 8:30 tot 17:00 uur

Samenwerking

Algemene voorwaarden

Privacy statement

Klachten

  • Wix Facebook page
  • LinkedIn Social Icon